ROUTE OPDRACHTEN STAR RALLY 2011

 

Equipes dienen alle op de overzicht -en controlekaarten aangegeven tijd- en routecontroles aan te

doen en dienen de trajecten of proeven af te leggen die in de routeopdracht zijn opgenomen.

In de routeopdracht zijn alle details (systemen) opgenomen die nodig zijn om de betreffende proef te

kunnen rijden.

 

Systemen

De routeopdrachten voor de proeven kunnen bestaan uit één van de volgende systemen:

- Punten vrije route

- Pijlen kortste route

- Pijlen één na kortste route

- Pijlen totaal langste route

- Blokkerende pijlen

- Ingetekende lijn met barricades

 

Algemene bepalingen

Voor het construeren van de route moet gebruik gemaakt worden van de kaartfragmenten en de

daarop voorkomende wegen, voorzien van 2 bermlijnen, waarvan er minstens 1 ononderbroken moet

zijn. Doorgetrokken bermlijnen sluiten een weg niet af. Doorgetrokken lijnen, welke een scheiding in

rijbanen aanduiden, blokkeren de aansluiting tussen wegen wel.

Weggedeelten die voorzien zijn van een blokkeringkruis of streep of door de organisator aangebrachte

tekens en teksten mogen niet in de te construeren route worden opgenomen.

Kaarttekens en teksten blokkeren de route niet.

Binnen een omcirkelde situatie is de route vrij en er zal geen controle staan. Bij een gewijzigde

wegaansluiting, b.v. door aanleg van een rotonde, mag ter plaatse gebruik gemaakt worden van niet

op de kaart voorkomende wegen.

Opmerking: In de punten trajecten zijn de punten aangegeven met een cirkel om de punt. Deze

cirkels vallen buiten dit artikel.

Wegen mogen onbeperkt in beide richtingen in de route worden opgenomen, tenzij dit in de

gedetailleerde beschrijving niet is toegestaan.

Wanneer, door welke reden dan ook, de voorgenomen route niet bereden kan worden, moet vanaf die

plek een omrij route geconstrueerd en gereden worden waarbij zo min mogelijk van de oorspronkelijk

geconstrueerde route gemist wordt en waarbij de omrij route zo kort mogelijk moet zijn.

Indien in de geconstrueerde omweg een weg niet bereden kan worden, vervalt de geconstrueerde

omweg en construeert u op die plek een nieuwe omweg naar het oorspronkelijke opname punt.

Beperkingen binnen een traject (route tussen opeenvolgende tijd- en/of routecontroles) zijn niet van

toepassing in een ander traject. Elk traject staat op zich. Heeft men in een traject een bepaalde weg

gereden, dan mag men deze weg in een volgend traject straffeloos in de andere richting rijden.

 

Herstelopdrachten

Herstelopdrachten, al dan niet opgesteld bij een passeercontrole, dienen met voorrang op de opdracht

waarmee men bezig is te worden uitgevoerd. Een herstelopdracht kan worden voorafgegaan door een

categorie letter, b.v. S (Sport) of T (Toer).

Toe te passen codes zijn:

HK          Hier keren                                                           NVO       Niet verder omrijden

1R           eerste rechts                                                       DMP       Doorgaan met pijl/punt……….

1L           eerste links                                                          DMIL      Doorgaan met ingetekende lijn

NAG       Nieuwe wegaansluiting gebruiken                VRW       Voorrangsweg

 

Dwangpijlen

Langs de route kunnen dwangpijlen worden geplaatst. Een aan de route geplaatste (enkele) dwangpijl

geeft een verplichte rijrichting aan. Deze pijlen dienen gevolgd te worden totdat een dubbele pijl wordt

aangegeven. Hier pakt u de route weer op.

Een naar beneden wijzende dwangpeil duidt aan dat de weg erachter niet bereden mag worden.

Te allen tijde dient de equipe – en is daarvoor zelf verantwoordelijk, ook indien de route niet door de

organisatie is gepijld – zo kort mogelijk na een onderbreking de oorspronkelijk geplande route te

vervolgen.

 

 

Route

Wegen die zijn voorzien van onderstaande bebording c.q. verkeersborden mogen NIET worden

bereden:

- Doodlopende weg

- Bord “Opengesteld”

- Borden die aangegeven dat het om een landgoed c.q. particulier terrein gaat.

- Borden “Verboden Toegang” en “Eigen Weg”.

REGELMATIGHEIDSTRAJECT

 

De equipe moet dit traject rijden met een in de opdracht aangegeven gemiddelde snelheid en deze van meter tot meter en van seconde tot seconde handhaven, waarbij op verschillende plaatsen tijdwaarneming kan plaatsvinden.

De tijd wordt gemeten tussen de start van het regelmatigheidtraject (RS-Start) en elk tijdwaarnemingpunt (TP). Voorbeeld:

- er zijn 3 TP’s: -A-, -B- en –C-.

- dan worden de tijden gemeten van RS-Start tot TP –A-, RS-Start tot TP –B- en RS-Start tot RS –C-.

Elke seconde afwijking ten opzichte van de ideale passeertijd (normtijd) is 1 strafpunt.

Een regelmatigheidtraject heeft een zelfstart of een bemande start. De locatie van de zelfstart van het regelmatigheidtraject wordt aangegeven op het kaartfragment van de betreffende proef. Het einde er van is bij een routecontrole met het bord “END REG”.

Tijdwaarneming kan plaatsvinden na 2 km. van de start tot het einde van het regelmatigheidtraject.

 

KAARTLEESSYSTEMEN

 

Pijlen kortste route

§  Onder iedere pijl wordt geacht een weg/weggedeelte te liggen.

§  De pijlen dienen van de voet tot de pijlpunt zo nauwkeurig mogelijk bereden te worden in voorwaartse richting.

§   Het is niet toegestaan om een pijl tegengesteld te berijden.

§  Van de start van de proef c.q. het kaartleestraject naar de eerste pijl, van pijl tot pijl en van de laatste pijl naar het einde van de proef c.q. het kaartleestraject dient steeds de kortste route geconstrueerd en bereden te worden.

§  De pijlen dienen in nummervolgorde te worden bereden.

§  Wegen en samenkomsten van wegen mogen meerdere keren worden bereden. Wegen mogen slechts in één richting worden bereden, waarbij rekening dient te worden gehouden met de (rij)richting van de geconstrueerde route.

§  Pijlen en gedeelten van pijlen mogen ook worden bereden als zij nog niet aan de beurt zijn of als ze al aan de beurt zijn geweest, maar dan alleen in voorwaartse richting. Kruisen, raken en/of het zijdelings op- en afrijden van pijlen en/of de geconstrueerde route is toegestaan en wordt als voorwaarts rijden beschouwd.

 

Pijlen één na kortste route

§  Onder iedere pijl wordt geacht een weg/weggedeelte te liggen.

§  De pijlen dienen van de voet tot de pijlpunt zo nauwkeurig mogelijk bereden te worden in voorwaartse richting. Het is niet toegestaan om een pijl tegengesteld te berijden.

§  Van de start van de proef c.q. het kaartleestraject naar de eerste pijl, van pijl tot pijl en van de laatste pijl naar het einde van de proef c.q. het kaartleestraject dient steeds de één na kortste route geconstrueerd en bereden te worden.

§  De pijlen dienen in nummervolgorde te worden bereden.

§  Wegen en samenkomsten van wegen mogen meerdere keren worden bereden. Wegen mogen slechts in één richting worden bereden, waarbij rekening dient te worden gehouden met de (rij)richting van de geconstrueerde route.

§  Pijlen en gedeelten van pijlen mogen ook worden bereden als zij nog niet aan de beurt zijn of als ze al aan de beurt zijn geweest, maar dan alleen in voorwaartse richting. Het raken of kruisen of het zijdelings open afrijden van pijlen en/of de geconstrueerde route is toegestaan en wordt als voorwaarts rijden beschouwd.

 

 

 

Blokkerende pijlen

§  Van de start van het de proef c.q. kaartleestraject naar de eerste pijl, van pijl tot pijl en van de laatste pijl naar het einde van de proef c.q. het kaartleestraject dient (eerst) de kortste route geconstrueerd te worden.

§  De pijlen dienen (dan) in nummervolgorde te worden ontweken, waarbij zowel voor als na de pijl het overgeslagen deel van de route zo kort mogelijk dient te zijn. U dient daarom de laatste samenkomst van wegen voor de pijl de route te verlaten en u dient de route op de eerste samenkomst van kaartwegen na de blokkerende pijl de route weer in voorwaartse richting te vervolgen.

§  Het is nimmer toegestaan een weg of weggedeelte dat voorzien is van een pijl te berijden. Het raken of kruisen van een pijl is niet toegestaan.

§  Wegen en samenkomsten van wegen mogen meerdere keren worden bereden. Wegen mogen slechts in één richting worden bereden, waarbij rekening dient te worden gehouden met de (rij)richting van de geconstrueerde route.

 

Pijlen totaal langste route (toerklasse)

§  Onder iedere pijl wordt geacht een weg/weggedeelte te liggen.

§  De pijlen dienen van de voet tot de pijlpunt zo nauwkeurig mogelijk bereden te worden in voorwaartse richting. Het is niet toegestaan om een pijl tegengesteld te berijden.

§  Van de eerste pijl tot de laatste pijl dient de langste route geconstrueerd en bereden te worden.

§  De pijlen dienen in nummervolgorde te worden bereden.

§  Wegen mogen slechts één keer in één richting worden bereden, waarbij rekening dient te worden gehouden met de (rij)richting van de geconstrueerde route.

§  Pijlen en gedeelten van pijlen mogen ook worden bereden als zij nog niet aan de beurt zijn of als ze al aan de beurt zijn geweest, maar dan alleen in voorwaartse richting. Kruisen, raken en/of het zijdelings op- en afrijden van pijlen en/of de geconstrueerde route is toegestaan en wordt als voorwaarts rijden beschouwd.

 

Punten vrije route

-       Van de start van de proef c.q. het kaartleestraject naar de eerste punt, van punt tot punt en van de laatste punt naar het einde van de proef c.q. het kaartleestraject rijdt u een vrije route.

-       De punten dienen in nummervolgorde te worden bereden.

-       Wegen en samenkomsten van wegen mogen meerdere keren worden bereden.

-       Punten mogen ook worden bereden als zij nog niet aan de beurt zijn of als ze al aan de beurt zijn geweest.

-       Op weg naar een punt is de route vrij. Keren is hierbij toegestaan en er mag gebruik worden gemaakt van niet op de kaart voorkomende wegen.

-       Op weg naar een punt (vrije route) bevinden zich geen passeercontroles. Uitsluitend binnen een straal van 25 meter van de punt kan een passeercontrole zijn geplaatst.

 

Ingetekende lijn met (natuurlijke) barricades

-       De ingetekende lijn dient zo nauwkeurig mogelijk van het begin tot het eind bereden te worden in voorwaartse richting.

-       Onder de ingetekende lijn wordt geacht een weg/weggedeelte te liggen, mocht dit niet zo zijn, dan treden de omrijregels in werking.

-       Dwarsstreepjes zijn barricades. Het is nimmer toegestaan een weg/weggedeelte dat voorzien is van een barricade te berijden.

-       De barricades dienen ontweken te worden, waarbij zowel voor als na de barricade het overgeslagen deel van de ingetekende lijn zo kort mogelijk dient te zijn. U dient daarom op de laatste samenkomst van kaartwegen voor de barricade de ingetekende lijn te verlaten en u dient de ingetekende lijn op de eerste samenkomst van kaartwegen na de barricade weer in voorwaartse richting te gaan berijden. De omrijroute dient zo kort mogelijk te zijn.

-       Wegen en samenkomsten van wegen mogen meerdere keren worden bereden. Wegen mogen slechts in één richting worden bereden. Het raken of kruisen van de ingetekende lijn wordt als voorwaarts rijden beschouwd